De echte kracht zit in de regionale samenwerking

In de werkplaats van Techniek Centrum Brainport (TCB) in Deurne wordt gewerkt aan een van de grootste uitdagingen van de Brainportregio: het vinden van voldoende vakmensen voor de maakindustrie. Terwijl bedrijven klaarstaan om nieuwe talenten te verwelkomen, is er een grote groep mensen die thuiszit of nog niet goed weet welke kant ze op willen. Daarom slaan onderwijs, werkgevers en arbeidsmarktpartners de handen ineen in het project Reskilling Metaal. Het doel is even simpel als ambitieus: talentvolle werkzoekenden en zijinstromers zonder technische achtergrond opleiden tot vakmensen die klaar zijn om te gaan starten in de metaaltechniek met extra aandacht voor het specialisme verspanen.
Voor veel deelnemers is techniek een onbekende wereld. Sommigen werkten jarenlang in een andere branche, anderen zijn werkzoekend en zoeken houvast en een opleiding waarbij je concreet naar een functie toe werkt. Precies dat biedt het TCB, waar je je in het verspanen op allerlei niveaus kunt ontwikkelen.
Eerst de klik, dan de techniek
Maar voordat iemand zich in Deurne mag melden, neemt het team van Peijnenburg Re-integratie een belangrijk deel voor haar rekening. Tijdens informatiebijeenkomsten en persoonlijke gesprekken kijken zij naar motivatie, hoe iemand zijn of haar leven leeft én naar toekomstperspectief. Technische ervaring is totaal niet belangrijk. Maarten Peijnenburg, re-integratiecoach: ‘We willen weten wie iemand is, wat iemand drijft en of iemand écht bereid is om een nieuwe stap te zetten. Juist die motivatie bepaalt vaak of iemand succesvol kan worden in een traject als dit.’
Intensieve begeleiding
Anders dan bij veel omscholingstrajecten, blijft de organisatie gedurende het hele traject betrokken. Maarten en zijn team helpen deelnemers met werknemersvaardigheden en het aanvliegen van sollicitaties, maar net zo goed met persoonlijke vraagstukken die van invloed kunnen zijn op hun ontwikkeling.
Na een geslaagde intake gaan de deelnemers aan de slag bij het TCB, de uitvoeringslocatie waar manager Ron Gommans verantwoordelijk is voor de dagelijkse gang van zaken. Hier worden technische vakmensen opgeleid voor het specialisme verspanen in nauwe samenwerking met bedrijven uit de regio. De opleiding wordt verzorgd in samenwerking met Ter AA, dat ervoor zorgt dat praktijk en onderwijs goed op elkaar aansluiten. Namens Ter AA onderhoudt Friso van den Berg het contact met werkgevers in de regio. ‘Veel mensen denken vooraf dat techniek ingewikkeld of ontoegankelijk is’, zegt Friso. ‘We bouwen het stap voor stap op. Mensen leren tekeningen lezen, maken kennis met de machines en ontdekken het vak. Daardoor groeit het vertrouwen snel en zien deelnemers dat techniek veel toegankelijker is dan ze vooraf denken.’

Voor wat hoort wat
De opzet is als volgt: de eerste weken leren de deelnemers het vak bij het TCB, en vanaf week vijf gaan ze meedraaien in een bedrijf. Vanaf dat moment combineren ze twee dagen les op school met drie dagen werken op de werkvloer. Juist in die periode komt ook de begeleiding vanuit Peijnenburg Re-integratie nadrukkelijk naar voren. ‘Als iemand na langere tijd weer een ritme moet opbouwen of thuis tegen uitdagingen aanloopt, dan wil je daar vroeg bij zijn’, zegt hij. ‘Wij zijn aanwezig op school en voeren regelmatig persoonlijke gesprekken. We bezoeken deelnemers ook op de werkvloer en gaan dan gewoon naast de machine staan. Wat ben je aan het doen, hoe vind je het hier? Juist in die eerste weken moet iemand landen. Als je er kort op zit, weet je meteen wat er speelt en kun je snel reageren.’ Door die intensieve begeleiding beginnen deelnemers met een voorsprong, en dat maakt het ook voor werkgevers interessant.
Daar hoort overigens wel iets tegenover te staan, want de samenwerking werkt twee kanten op. Een bedrijf dat omscholers opgeleid wil krijgen, doet ook iets terug voor de school, bijvoorbeeld door zelf praktijklessen op het opleidingscentrum te verzorgen. Juist die wisselwerking is volgens Friso belangrijk. Bedrijven stellen niet alleen werkplekken beschikbaar, maar delen ook hun kennis en ervaring met nieuwe deelnemers. ‘Ervaren vakmensen zijn schaars. Daarom kijken we samen hoe we gemotiveerde zijinstromers kunnen begeleiden richting functies waar de vraag groot is. Dat lukt alleen als werkgevers bereid zijn om mee te investeren in die ontwikkeling.’
De kracht van het samen doen
Juist die gezamenlijke aanpak maakt volgens Natasja Muskens, projectleider voorschakeltraject metaaltechnologie, het verschil. Vanuit Werkcentrum Zuidoost- Brabant verbindt zij werkgevers, onderwijs, arbeidsmarktpartners binnen de Brainport Academy.
‘Wat dit traject bijzonder maakt, is dat iedereen vanuit zijn eigen expertise een bijdrage levert’, zegt ze. ‘Onderwijs, werkgevers, begeleiding, arbeidsmarktpartners; we doen het allemaal samen. Deze samenwerking wordt mogelijk gemaakt door financiële bijdrage vanuit de branche organisaties en O&O fondsen. Het succes ontstaat doordat organisaties bereid zijn om verder te kijken dan hun eigen rol.’
Dat bleek ook toen de arbeidsmarkt tijdelijk tegenzat en vacatures onder druk kwamen te staan. In plaats van af te haken, bleven de betrokken partijen zoeken naar mogelijkheden. Het resultaat van het traject: ongeveer tachtig procent van de kandidaten vond een plek binnen de technische sector. Van de overige twintig procent koos een deel er bewust voor om een andere richting op te gaan, bijvoorbeeld door te starten met een hbo-opleiding of een loopbaan buiten de techniek. Voor Natasja bevestigt dat wat zij al langer ziet: ‘Er staat te veel onbenut talent aan de kant. Ieder mens dat zich weer happy voelt op de arbeidsmarkt door deze kans, is er één.’
De pilot heeft bewezen dat het werkt, ook al liggen de groepsaantallen wat lager dan gehoopt. Daarom wordt inmiddels gewerkt aan nieuwe trajecten en verdere opschaling binnen de Brainportregio. Niet alleen om meer mensen richting de metaalsector te begeleiden, maar ook om de samenwerking verder te versterken. ‘De echte kracht zit in de regionale samenwerking, die is gewoon goud waard’, besluit Natasja. ‘Mensen en organisaties durven verder te kijken dan hun eigen belang. Juist daardoor kunnen we talent ontwikkelen, werkgevers helpen én deze aanpak duurzaam verankeren.’
