Oproep richting kabinet: zie meertaligheid als kans voor mbo-talent in tekortsectoren

In aanloop naar het commissiedebat mbo op 28 mei roept de Brainportregio kabinet en Tweede Kamer op om meer ruimte te bieden aan meertalige mbo-studenten in tekortsectoren zoals techniek, IT en semicon. De huidige regelgeving leidt ertoe dat talentvolle studenten onnodig uitvallen, terwijl Nederland juist kampt met grote personeelstekorten.

De oproep komt voort uit een groeiende spanning tussen de economische ambities van Nederland en de praktijk in het onderwijs. In de Brainportregio alleen al zijn de komende tien jaar naar schatting circa 50.000 extra technici en IT’ers nodig. Tegelijkertijd vallen mbo-studenten uit doordat zij niet voldoen aan de generieke Nederlandse taaleis op mbo-4 niveau (3F), ondanks dat zij wel beschikken over de benodigde beroepscompetenties.

Meertaligheid sluit aan op internationale arbeidsmarkt

Vooral studenten die minder dan zes jaar Nederlandstalig onderwijs in Nederland hebben gevolgd, lopen tegen knelpunten aan. In een internationaal georiënteerde regio als Brainport wordt deze groep snel groter. In 2022 woonden al circa 18.300 internationale kinderen in de regio; prognoses laten zien dat dit aantal kan groeien naar 26.000 tot 37.000 in 2032.

De huidige regelgeving sluit onvoldoende aan op de realiteit van een steeds internationalere arbeidsmarkt, waarin bedrijven en werkomgevingen vaak meertalig functioneren.

“Meertaligheid is geen probleem, maar juist een kans voor sectoren waar internationale samenwerking en technische expertise centraal staan,” aldus de oproep.

Pleidooi voor proportioneel maatwerk

Partijen in de regio pleiten daarom voor experimenteerruimte en een landelijke pilot voor een duidelijk afgebakende groep mbo-4 studenten in tekortsectoren. Daarbij wordt gekeken naar de zogenoemde omkeerregeling: een lager referentieniveau Nederlands gecombineerd met aantoonbaar hogere taalvaardigheid in een andere taal.

Daarbij gaat het nadrukkelijk niet om het verlagen van kwaliteitseisen. Nederlands blijft onderdeel van het diploma en wordt geëxamineerd. Het voorstel moet juist zorgen voor een meer proportionele en passende manier van examineren binnen een meertalige context.

Ook wordt in de position paper gewezen op het verschil tussen mbo en hbo. Waar mbo-4 studenten verplicht aan een generieke Nederlandse taaleis moeten voldoen, bestaat in het hbo geen vergelijkbare eis. Dat maakt het huidige onderscheid volgens de regio steeds moeilijker uitlegbaar.

Oproep aan kabinet en Tweede Kamer

De oproep aan kabinet en Tweede Kamer is daarom om:

  • op korte termijn experimenteerruimte mogelijk te maken voor mbo-4 studenten in tekortsectoren;
  • ruimte te bieden voor passend examineren binnen een meertalige arbeidsmarktcontext;
  • en het mbo gelijkwaardig te behandelen aan het hbo waar het gaat om meertaligheid en aansluiting op een internationale arbeidsmarkt.

De eerste verkenningen voor een gezamenlijke pilot vanuit onderwijsinstellingen zijn inmiddels gestart. Snelle actie is nodig om te voorkomen dat Nederland talent blijft verliezen door regelgeving die onvoldoende aansluit op de praktijk van vandaag én morgen.

Lees ook de volledige position paper